Symposium Tucht en Toezicht: ‘Tuchtrecht is emotie’

‘Neemt het tuchtrecht een te grote plaats in in de notariële praktijk?’ Met deze vraag trapte Annerie Ploumen, voorzitter van de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie (KNB) en tevens dagvoorzitter, het Symposium Tucht en Toezicht af dat 12 mei plaatsvond in het Leerhotel in Amersfoort. Een groot deel van de 200 deelnemers beantwoordde deze vraag ontkennend. Volgens Ploumen een mooie start van de middag.

De laatste jaren is er in de notariële beroepsgroep veel te doen over het tuchtrecht. Het wordt nogal eens als het zwaard van Damocles gezien, waardoor het zelfs voor sommige kandidaat-notarissen een belemmering is om notaris te worden. Reden voor de KNB om over dit onderwerp een symposium te organiseren met als doel de angst voor het tuchtrecht te relativeren. Hiervoor was een gevarieerd programma samengesteld onder dagvoorzitterschap van Annerie Ploumen. In het tweegesprek met Gert-Mark Smelt, voorzitter kamer voor het notariaat in Den Haag, en Martine Bijkerk, voormalig lid kamer voor het notariaat en lid van de notariskamer van het hof, ging het over de noodzaak en het imago van het tuchtrecht. Smelt was op het symposium met een reden: ‘Wat is dan het imago dat het tuchtrecht volgens u moet hebben? Wat wilt u van ons?’ Een van de deelnemers gaf aan dat het uitgangspunt van het tuchtrecht is verschoven van: ‘de notaris heeft het goed gedaan, tenzij …’ naar ‘de notaris heeft het verkeerd gedaan, tenzij …’. En die verschuiving is volgens de vragensteller verkeerd.

Intensivering notarisgesprek
Na deze discussie gaf Yolanda de Groot, directeur Bureau Financieel Toezicht (BFT), een toelichting op het beleid van de toezichthouder. De Groot: ‘Het BFT gaat de gesprekken met notarissen in de voorfase intensiveren om zo eventuele, onnodige klachten te voorkomen.’ Advocaat Geertjan van Oosten gaf tips over hoe notarissen zich kunnen voorbereiden op een tuchtklachtprocedure en wat de rol van de advocaat daarbij kan zijn.

Tuchtrecht te punitief
Na de pauze kwam de wetenschap aan het woord. Oud-hoogleraar Boudewijn Waaijer ging in op de effectiviteit van het tuchtrecht en universitair docent Rianne Herregodts vertelde over het lerend effect ervan. Zij heeft daarvoor in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport onderzoek gedaan bij de gezondheidszorg en de resultaten daarvan zijn onlangs naar de Kamer gestuurd. Waaijer vindt het tuchtrecht te weinig educatief, te weinig gericht op herstel en te punitief. Hij deed een aantal aanbevelingen om dat te verbeteren. Waaijer: ‘Werk aan het lerend aspect van het tuchtrecht door sturende maatregelen en overwegingen ten overvloede in de uitspraak op te nemen.’ Uit Herregodts onderzoek blijkt dat uitspraken beter onderbouwd en duidelijker verwoord moeten worden. ‘Besteed bij een gegrondverklaring ook aandacht aan wat iemand had kunnen of moeten doen om wél in overeenstemming te handelen met de tuchtnorm en geef vaker ook aan wat goed is gedaan.’

Transparanter over fouten
Tijdens de middag was goed te merken dat het tuchtrecht emotie oproept in het notariaat. Ook de sprekers refereerden daar diverse keren aan en het kwam ook aan bod in de afsluitende paneldiscussie. Daarin werd gekeken naar de toekomst van het tuchtrecht. Diverse suggesties kwamen aan bod, maar er werd ook naar de beroepsgroep zelf gekeken. ‘We moeten intern ook transparanter zijn over fouten. De cultuur om daarover te delen moet opener worden.’

Symposium Tucht en Toezicht

Verder in het nieuws

Wetsvoorstel digitale oprichting bv naar Tweede Kamer

Het wetsvoorstel dat het mogelijk maakt digitaal een bv op te richten is donderdag ingediend bij de Tweede Kamer. In het voorstel staat nog steeds dat het digitaal oprichten van een bv gebeurt met een...