Logo KNB.nl
English

Fraudebewustzijn

Nienke Westerhof
Nienke Westerhof staand

In het kader van onze poortwachtersfunctie wordt van de notaris verwacht dat hij de deuren voor witwaspraktijken stevig gesloten houdt. Dat klinkt simpel. In de praktijk is fraude helaas niet altijd duidelijk zichtbaar. Notarissen werken soms ongewild mee door rechtspersonen op te richten of door mee te werken aan de verkoop van aandelen. Het fraudebewustzijn moet bij alle notarissen nog groeien.

Nog niet zo lang geleden kwam een grote, landelijke bank negatief in het nieuws omdat die de rol als poortwachter niet goed had vervuld. Er was niet genoeg onderzoek gedaan naar de identiteit van de rekeninghouders en naar de herkomst van geldstromen. Voor notarissen gelden soortgelijke plichten als het gaat om onderzoek naar herkomst van gelden en identificatie van cliënten. Deze verplichtingen zijn gebaseerd op de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft). Deze Wwft geldt voor bijna het gehele werkgebied van de notaris. Maar wat is die poortwachtersfunctie nu precies?

Doorvragen
Het Nederlandse woordenboek omschrijft de poortwachter als volgt: ‘Een poortwachter is iemand die de entree van een gebouw of terrein – in brede zin – bewaakt en toezicht houdt op wie of wat er binnenkomt of uitgaat.’ En ‘Bepaalde instanties binnen de Nederlandse maatschappij zijn aangewezen om als poortwachter (een soort portier) op te treden.’ Iedere notaris moet het zogenoemde niet-pluisgevoel hebben. Iedere notaris dient in bepaalde situaties (extra goed) onderzoek te doen, bijvoorbeeld (door)vragen naar de herkomst van gelden bij aankoop van een bedrijfspand. De notaris is daarnaast verplicht om ongebruikelijke transacties te melden aan de Financieel Intelligence Unit (FIU) in Nederland.

Zomaar
Notarissen werken voortdurend aan bewaking en verbetering van de kwaliteit van de geleverde diensten. Zo wordt onder meer gewerkt aan de vakinhoudelijke kwaliteit van de notaris door opleiding en specialisatie en aan de kwaliteit van de informatie die de notaris verschaft. Ook komen de aspecten van het productieproces die belangrijk zijn voor kwaliteit, snelheid en prijs van de dienstverlening constant aan bod. En toch: fraude kan 'zomaar' onder de neus van de notaris plaatsvinden. De notaris moet goed opletten, ook met de instrumenten die op dit moment al voor handen zijn, zoals de Wwft. Het arsenaal waaruit de notaris kan putten om fraude te voorkomen, bestaat uit meer dan alleen maar zwaaien met een klappertjespistool.

Uitwisselen
Maar hoe uitgebreid moet die poortwachtersrol zijn? Leggen we dit niet te makkelijk bij het notariaat neer? Ik merk dat collega-notarissen er echt alles aan doen om de kwaliteit van ons werk hoog te houden. En dan toch glipt er af en toe iets door. Ik denk dat de notaris meer mogelijkheden moet hebben om risico’s van een transactie te beoordelen. We zouden bijvoorbeeld het handelsregister van de Kamer van Koophandel kunnen gebruiken om te zoeken op natuurlijke personen. En meer informatie moeten uitwisselen met andere instanties, zoals het ministerie en de Belastingdienst. Zelf laten wij ons al door allerlei cursussen en bijeenkomsten van de beroepsorganisatie bewustmaken van de poortwachtersrol. Ik ben van mening dat iedere notaris als poortwachter alert en integer moet zijn.

Serieus
De beroepsgroep probeert lering te trekken uit de dingen die mis zijn gegaan. Om oud-notaris Christaan Stokkermans maar eens te citeren: ‘In het verleden ligt het heden, in het nu wat worden zal.’ Deze dichtregels van Bilderdijk zijn volgens Stokkermans nog steeds actueel. Laten we met z'n allen onze poortwachtersfunctie zeer serieus nemen: nu en in de toekomst.