Logo KNB.nl
English

Modern toezicht is slim toezicht

Nick van Buitenen
Nick van Buitenen 20170816_8276bNick van Buitenen, voorzitter KNB

Tijdens de zomermaanden liepen de gemoederen hoog op tussen notarissen en hun toezichthouder BFT. Aanleiding was het besluit van BFT om het systeem rondom de samenstellingsverklaring en de ontheffingsregeling daarvoor niet te wijzigen. Dit ondanks verschillende verzoeken van de kant van de KNB. Hierdoor blijven alle notariskantoren verplicht hun kwartaalcijfers bij het BFT te voorzien van een samenstellingsverklaring.

Een verzoek om ontheffing wordt slechts gehonoreerd als voldaan wordt aan alle daarvoor gestelde voorwaarden. Het bestuur van de KNB reageerde verontwaardigd op dit besluit en later deed de ledenraad daar nog een schepje bovenop met flink wat media-aandacht tot gevolg. Na een daaropvolgend bestuurlijk overleg tussen beide organisaties is het BFT nu gelukkig bereid te erkennen dat ten minste een deel van de kritiek hout snijdt en dat er zeker ruimte bestaat voor verbetering.

Onvoldoende wettelijke basis
Inmiddels heeft de rechter, in een door een aantal notarissen aangespannen procedure, geoordeeld dat er voor de samenstellingsverklaring onvoldoende wettelijke basis bestaat. In afwachting van de uitkomst van het hoger beroep heeft BFT de verplichting nu zelfs opgeschort. Zijn we er daarmee? Zijn we als notarissen nu tevreden? Nee, zeker nog niet. Die samenstellingsverklaring was slechts een van de onderdelen van de onvrede. Kort gezegd vinden we dat het integrale toezicht dat sinds 2012 bij het BFT is ondergebracht, nog steeds niet goed genoeg wordt uitgeoefend. Het voelt alsof men is blijven steken in het uitoefenen van met name financieel toezicht.

Wind tegen
Ook andere toezichthouders lijken de wind tegen te hebben. Zo hebben de Autoriteit Financiële Markten en de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit zich mogen verheugen op (te?) veel aandacht in de media. De teneur is telkens dezelfde: de kwaliteitsbewaking blijft zorgelijk, de kwaliteit van de ondertoezichtgestelden lijkt eerder af te nemen. De ervaring is dat de toezichthouder vaak te traag en te legalistisch opereert. Leidt het harde toezicht niet tot het slechts afvinken van checklists om de toezichthouder te pleasen? Men vraagt zich zelfs hardop af of een toezichthouder niet zelf een probleem heeft als na jarenlang toezicht op een sector de kwaliteit daar niet verbetert. Achter deze vraag zit de gedachte dat de toezichthouder ook zelf verantwoordelijk is voor de kwaliteit van de dienstverlening van de ondertoezichtgestelden.

Bodemloze put
Modernisering van het toezicht, dat zal het doel moeten zijn. Problemen moeten bij voorkeur worden aangepakt voordat een crisis of het probleem zich aandient. De toezichthouder zal dus verder moeten kijken dan de cijfertjes. De aandacht moet veeleer gericht zijn op de cultuur en het gedrag van notarissen. De toezichthouder zal zijn werkwijze moeten aanpassen om de effectiviteit te vergroten. Want toezicht is meer dan de huidige nadruk op meetbaarheid en beheersing van risico’s. Bovendien is meetbare informatie min of meer een bodemloze put: er is altijd weer behoefte aan meer informatie. Dat leidt tot meer bureaucratie en voedt daarom het wantrouwen van de toezichthouder. Modern toezicht is slim toezicht. Met minder middelen, meer resultaten. Het BFT zou moeten streven naar algorithmic accountability, een systeem waarbij aan de hand van data-analyse de financiële toestand van de notariskantoren wordt gemeten. De graad van automatisering van de meeste notariskantoren maakt deze werkwijze op korte termijn al mogelijk. Dat spaart tijd, zodat de aandacht zich kan richten op andere misstanden.

Stimulerende aanpak
Uitgangspunt, ook in dat nieuwe toezicht, is dat de KNB de norm bepaalt en dat de toezichthouder toeziet op handhaving daarvan. Het ultieme doel is efficiënt toezicht dat de kwaliteit en professionaliteit van de beroepsgroep vergroot. Dat brengt met zich mee dat ingrijpen van de toezichthouder dus ook ondersteunend van aard kan zijn: soms een klacht, maar in andere gevallen kan afstand houden verstandig zijn. Als de stimulerende aanpak niet werkt, natuurlijk dan graag snel en hard toezicht! Vorige maand hebben KNB en BFT gezamenlijk vastgesteld dat er serieus werk zal worden gemaakt van het verbeteren van de kwaliteit van het integrale toezicht. Daarvoor is samenwerking nodig en onderlinge afstemming: wie past welke rol en werkzaamheden eigenlijk het best? Kortom, we zouden elkaars competenties moeten delen, vergelijken en gebruiken om een beter toezicht mogelijk te maken. Zo’n gezamenlijk streven zal een betere band scheppen en leiden tot meer wederzijdse erkenning en respect.

Verschenen in Notariaat Magazine nr 8, oktober 2017