Logo KNB.nl
English

Overheid moet balans bepalen

Nick van Buitenen
Nick van Buitenen 20170816_8276bNick van Buitenen, voorzitter KNB

Toen laatst een drugskartel werd verdacht van het op grote schaal witwassen, ging de aandacht direct naar de betrokken banken en notarissen. Volgens ‘witwasexperts’ waren de constructies ‘eenvoudig te doorzien’ en hadden de transacties als ongebruikelijk moeten worden gemeld bij de Financial Intelligence Unit.

Maar er stond ook bij dat banken en notarissen vanwege hun beroepsgeheim niet mochten zeggen of ze die melding nou wel of niet hadden gedaan. Is er bewust weggekeken? We weten het niet, maar meestal ligt het genuanceerder. Toch wordt er in de media snel van alles gesuggereerd. Wat zou het gevolg zijn van deze criminalisering van goedwillende poortwachters?

Griezelig
In dagblad Trouw stelt jurist Gommers dat niet alleen een poortwachter, maar iedere burger de kans loopt in het verdachtenbankje te komen. Hij vindt de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft) daarom maar een griezelige wet. In de jacht op witwassers en terroristen hebben banken en notarissen de verplichting onderzoek te doen naar cliënten. Een goede zaak toch? Ja, totdat je als argeloze burger zelf te maken krijgt met zo’n onderzoek, schrijft Gommers. Zijn angst is dat poortwachters doorslaan in het naleven van hun verplichtingen en ongelimiteerd hun bevoegdheden inzetten (lees ook het artikel op p. 12 van dit nummer, waarin drie betrokkenen reageren op Gommers’ stelling).

Lijst
Een van de maatregelen om fraude en criminaliteit tegen te gaan, is het aanleggen van een lijst met incidenten en fraudeurs. Banken en verzekeraars werken al jaren met zo’n lijst en willen die graag uitbreiden met een ‘grijze’ lijst met vermoedelijke fraudeurs. De huidige ‘zwarte’ lijst biedt aangesloten financiële instellingen de mogelijkheid om gegevens over frauderende (rechts)personen te registeren en uit te wisselen. Ook de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie (KNB) wil dat notarissen met elkaar gegevens kunnen delen, maar of dit soort lijsten de toets van de Autoriteit Persoonsgegevens kunnen weerstaan, is nog steeds onduidelijk.

Straf
Eenmaal op zo’n lijst, blijkt het lastig om een andere bank of verzekeraar te vinden. NRC Handelsblad omschreef de zwarte lijst van de banken als een ‘financiële gevangenis’. Banken zouden inmiddels duizenden Nederlanders na ‘bewezen’ fraude op deze lijst hebben geplaatst. Ze kunnen nu nergens meer een bankrekening openen of een hypotheek krijgen. Een logische ‘straf’ of een ongewenste ontwikkeling?

Doorgeslagen
Banken doen er inmiddels alles aan om aan de verwachtingen te voldoen. De gevolgen zijn merkbaar. Negen maanden wachten op een bankrekening, terwijl je al veertig jaar klant bent bij die bank. Een nieuw bedrijfje dat gaat doen in legale wietteelt wordt een bankrekening geweigerd. Ruim drie miljoen creditcardhouders moeten zich opnieuw identificeren in het kader van de Wwft, een procedure die tien jaar gaat duren en tegen de 100 miljoen euro gaat kosten. Een ondernemer wordt door zijn bank verzocht de herkomst te verklaren van de 40.000 gulden (!) die hij destijds op de aandelen van zijn bv had gestort. Doorgeslagen controledrift? Maar er zijn ook notarissen die verder gaan dan nodig is. Klanten standaard vragen om een IB-aangifte als die geld hebben gestort, is niet verplicht. Of dat moet, hangt af van de omstandigheden en het door ons te bepalen risicoprofiel van de klant.

Evenwicht
De bank die zich heeft vergaloppeerd in zijn poortwachtersfunctie krijgt een torenhoge boete en kan strafrechtelijk worden vervolgd. Ook notarissen vrezen de harde hand van de toezichthouder en het oordeel van de (tucht)rechter. Net als banken zullen zij geneigd zijn aan de veilige kant te gaan zitten. Maar dat kan weer een onnodige in- breuk op de privacy van betrokkenen opleveren. Gommers benoemt dit broze evenwicht tussen de eisen van de Wwft aan de ene kant en privacyrichtlijnen aan de andere kant. Is het aan de poortwachter om dat evenwicht te bewaren?

Regie
Het tegengaan van ondermijning en het bewaken van privacy zijn belangrijke waarden. Ze zijn niet alleen het probleem van de overheid, maar gaan ons allemaal aan. De huidige werkwijze van poortwachters lijkt echter niet efficiënt en wordt ervaren als rompslomp en gedoe. Er is snel meer samenwerking tussen poortwachters nodig. Zouden banken en notarissen niet van dezelfde systemen gebruik moeten kunnen maken? De overheid roept burgers en bedrijven terecht op tot meer samenwerking in de strijd tegen ondermijning. Maar het is aan diezelfde overheid om de regie te nemen, het voortouw te pakken, de lijnen uit te zetten, de richting te bepalen en knopen door te hakken.

Verschenen in Notariaat Magazine nr 9, november 2019