'Onderscheid behandeling vermogen voor erfbelasting niet discriminerend'

Het onderscheid in de Successiewet tussen de belasting van particulier vermogen en ondernemingsvermogen is niet in strijd met het internationaal verankerde gelijkheidsbeginsel. Dat oordeelde de Hoge Raad vandaag in vijf uitspraken.

In de huidige wet is een (extra) vrijstelling opgenomen van 100 procent van de waarde van verkregen ondernemingsvermogen tot aan 1.028.132 euro en 83 procent van de waarde die boven dat bedrag uitkomt. Alleen degenen die ondernemingsvermogen erven of geschonken krijgen, hebben recht op die vrijstelling. De vrijstelling is de afgelopen jaren voortdurend uitgebreid: in 2002 van 25 procent naar 30 procent, in 2005 naar 60 procent, naar 75 procent in 2006 en tot aan de nu geldende percentages per 1 januari 2010.

Rechtbank: discriminatie
Op 13 juli 2012 deed de rechtbank in Breda uitspraak in een procedure die een erfgenaam had aangespannen. De rechtbank oordeelde dat de Successiewet een onaanvaardbaar groot onderscheid in fiscale behandeling maakt tussen privévermogen en ondernemingsvermogen. Het Hof Den Bosch heeft de uitspraak van de Rechtbank Breda over de discriminerende werking van de Successiewet in april van dit jaar vernietigd. Volgens het hof mag er een andere fiscale regeling gelden voor de verkrijging van privévermogen dan voor de verkrijging van ondernemingsvermogen.

Advies
De advocaat-generaal adviseerde de Hoge Raad onlangs verkrijgers van particulier vermogen rechtsherstel te verlenen door vanaf het jaar 2010 eveneens een vrijstelling toe te kennen naar de mate waarin de bedrijfsopvolgingsfaciliteit voorziet in een hogere wettelijke vrijstelling dan 75 procent. Dat advies week af van de uitspraak van de rechtbank Breda. Die besliste dat verkrijgers van particulier vermogen recht hebben op de volledige vrijstelling van de bedrijfsopvolgingsfaciliteit.

Hoge Raad
De Hoge Raad heeft vandaag geoordeeld dat de bedrijfsopvolgingsfaciliteit in 2009, 2011 en ook in andere jaren berust op een keuze van de fiscale wetgever waarvan niet kan worden gezegd dat zij evident van redelijke grond is ontbloot. De wetgever heeft daarom met de faciliteit de grenzen van de hem toekomende ruime beoordelingsvrijheid niet overschreden. Daarom is geen sprake van een bevoordeling van de verkrijging van ondernemingsvermogen boven de verkrijging van overige vermogensbestanddelen die leidt tot discriminatie.

Weekers tevreden
Staatssecretaris Weekers van Financiën heeft in een nieuwsbericht laten weten tevreden te zijn met de uitspraak. “Dit is goed nieuws voor de continuïteit van ondernemingen. Door de snelheid waarmee rechtbanken en Hoge Raad deze procedures hebben behandeld, heeft een grote groep belastingplichtigen eerder duidelijkheid”, aldus Weekers. Verder heeft Weekers aangegeven dat voor alle lopende bezwaren één collectieve uitspraak op bezwaar zal worden gedaan. Deze uitspraak wordt gepubliceerd in de Staatscourant en op de website van de Belastingdienst.

Verder in het nieuws

Bij kleine banken soms problemen met levenstestament

Sommige kleine banken accepteren geen levenstestament. Zij staan vertegenwoordiging van hun klanten op basis van een levenstestament niet toe. Notarissen zullen cliƫnten die een levenstestament willen...

Eerste vrouwelijke voorzitter voor UINL

Christina Armella is door de Algemene Raad van de UINL (Union Internationale des Notariats Latins) als nieuwe voorzitter gekozen. Dit gebeurde vorige week in Jakarta tijdens het driejaarlijkse UINL-co...