‘Meer inzicht in tuchtrecht leidt tot meer begrip’
Robert Wisse promoveerde vorige maand aan de Radboud Universiteit op zijn proefschrift ‘Tendensen in de notariële tuchtrechtspraak’. Hij hoopt dat zijn onderzoek leidt tot meer inzicht in en meer begrip voor het tuchtrecht bij alle betrokken partijen.
Waarom moest dit onderzoek er komen?
‘Het is mijn eigen zoektocht geweest. Ik heb zelf in het notariaat en bij de KNB gewerkt, dus ik weet hoe uitdagend het tuchtrecht is. Zowel in 1999 als in 2013 is de Wna veranderd en zijn daarin versterkingsmaatregelen voor het tuchtrecht opgenomen. In mijn onderzoek heb ik geprobeerd inzicht te krijgen in de lijnen van tuchtrechtjurisprudentie. De ontwikkelingen die ik heb gebundeld geven een inzicht voor klagers, tuchtrechters en notarissen.’
Hoe heb je dat aangepakt?
‘Ik heb gekeken naar uitspraken die openbaar gepubliceerd zijn. Die heb ik binnengehaald, gecodeerd en geanalyseerd. Allemaal in het licht van de wijzigingen van de Wna.’
Heb je nooit gedacht, waar ben ik aan begonnen?
‘Jawel, want het is heel tijdrovend geweest. Toen ik circa 12 jaar geleden begon, waren nog niet alle tools beschikbaar. Er was nog geen AI, dus ik gebruikte handmatig een codeboek. En ik heb alles in eigen tijd, naast mijn werk bij het BFT gedaan. Dat maakte dat ik er langer mee bezig was dan de 5 jaar die er normaal voor staat.’
Wat zijn jouw belangrijkste conclusies?
‘De verwachting was dat door de invoering van de marktwerking in 1999 notarissen massaal te maken zouden krijgen met het tuchtrecht. Dat is niet gebeurd. Al is het niet zo dat ze geen dreiging ervaren. Het aantal klachten tegen kandidaat-notarissen, die sinds 1999 ook onder het tuchtrecht vallen, is relatief beperkt. Net als het aantal opgelegde maatregelen. Hetzelfde geldt voor toegevoegd notarissen.’
‘Voor de klagers is het belanghebbenden begrip verruimd. Dit heeft beperkt effect gehad. De meeste klagers waren al belanghebbende onder de vorige definitie. De meeste tuchtklachten, circa 65 procent, gaan over onzorgvuldig handelen van de notaris. Mijn centrale conclusie is dat de beoogde versterking van het tuchtrecht maar beperkt heeft plaatsgevonden. Het aantal klachten valt mee en als er een maatregel wordt opgelegd, vind ik de tuchtrechter heel redelijk. Meer inzicht hierin kan helpen om het tuchtrecht te relativeren voor kandidaten. En het kan ook leiden tot meer begrip voor de noodzaak van het tuchtrecht.’
Wat is de belangrijkste les voor het notariaat?
‘Spreek met elkaar over de tendensen in de tuchtrechtspraak. Verder zie je dat veel klachten gaan over onzorgvuldig handelen: ga het gesprek aan met de klager om waar mogelijk bij te sturen. De reden voor de klacht kan van alles zijn: niet op tijd informeren, een verschrijving in de akte of onduidelijkheid in de communicatie. Misschien is het lastig om het gesprek aan te gaan, maar zo creëer je meer ruimte om met elkaar tot een oplossing te komen.’
Wat kan de KNB hier van leren?
‘Ga bij toekomstige wensen voor de Wna na of de plannen ook uitvoerbaar zijn. Sinds 2013 is het bijvoorbeeld mogelijk voor tuchtrechters om een boete op te leggen, maar in de praktijk gebeurt dat weinig. Er zit vaak ruimte tussen de doelstelling en de uitwerking. Verder kan de KNB vanuit de meerwaarde van de tuchtrechtspraak het gesprek met het notariaat voeren. Lever meer inzicht, want meer inzicht leidt tot meer begrip.’
En zit er ook wat in voor de tuchtrechters zelf?
‘Mijn onderzoek gaat ook over hun motivering van uitspraken. Tuchtrechters gebruiken allerlei omstandigheden die verzwarend of verzachtend zijn voor de uitspraak. Uit mijn onderzoek blijkt dat ze het ene relevant vinden bij een schorsing en het andere bij het opleggen van een waarschuwing. Het inzicht daarin helpt alle partijen.’