Zelfstandigenwet moet duidelijkheid bieden

/
Publicatiedatum: 13 oktober 2026

Opslaan

Deel deze informatie

De begin deze maand gepresenteerde Zelfstandigenwet moet een einde maken aan de onduidelijkheid rond zzp’ers. Op grond van deze wet moet vooraf duidelijk zijn of iemand wel of niet als zzp’er kan werken. Dat gebeurt aan de hand van 2 toetsen: de zelfstandigentoets en de werkrelatietoets.

De nieuwe wet stelt feitelijke criteria aan het ondernemerschap. Zo moet je als zzp’er binnen 2 jaar minstens 3 verschillende opdrachtgevers of klanten hebben. Ook moet je als ondernemer ingeschreven staan bij de Kamer van Koophandel en de Belastingdienst en actief nieuwe opdrachtgevers werven. Daarnaast moeten de werkzaamheden zelf aan criteria voldoen. Je moet als zzp’er in principe vrij zijn om te bepalen waar, wanneer en hoe je de opdracht uitvoert. Verder moet een zzp’er een verzekering tegen ziekte en arbeidsongeschiktheid, pensioen en voor schade door de werkzaamheden en andere ondernemersrisico’s afsluiten.

Schijnzelfstandigheid

Het wetsvoorstel ligt nu ter consultatie voor. Eerder dan 1 januari 2028 gaat de wet niet in. Tot die tijd geldt de huidige situatie en blijft de Belastingdienst waarschijnlijk gewoon handhaven op schijnzelfstandigheid. Opdrachtgevers die met schijnzelfstandigen werken, lopen het risico naheffingen van de Belastingdienst te krijgen voor belasting en sociale premies.

Modelovereenkomsten

De Belastingdienst had eerder al besloten alle lopende, goedgekeurde modelovereenkomsten te eerbiedigen tot eind 2029. Dit geldt ook voor de 2 modelovereenkomsten voor zzp’ers in het notariaat. Deze kunnen dus nog steeds worden gebruikt door notariskantoren voor het inhuren van freelance kandidaat-notarissen. Blijf daarbij wel scherp letten op een juiste invulling van de werkzaamheden volgens het huidige handhavingsmoratorium.
Beide modellen zijn te vinden op knb.nl en op de website van de Belastingdienst.

Meer informatie: KNB, Annemijn van Kersbergen
a.vankersbergen@knb.nl