KNB krijgt voorzittershamer CNUE in 2027: ‘Geopolitieke spanningen vragen om duidelijke keuzes’

/
Tekst: Peter Steeman | Beeld: VRHL

Opslaan

Deel deze informatie

Bij toerbeurt vervullen de 22 leden van de CNUE de voorzittersrol. De KNB is in 2027 aan de beurt. Hoe kan Nederland die rol invullen? En wat komt er op ons af? ‘We krijgen steeds meer een luisterend oor in Europa’, aldus aankomend voorzitter Annerie Ploumen.

CNUE annerie ploumenHet kost Annerie Ploumen geen moeite om de relevantie van een Europese raad van notarissen te illustreren. 'Als je het belang van het notariaat wilt onderstrepen, dan kun je niet om Europa heen', zegt de voormalig KNB-voorzitter. 'Onze wetgeving wordt steeds meer Europees. Van grensoverschrijdende nalatenschappen tot een grensoverschrijdende oprichting van een digitale bv. Het is onze rol om in Europees verband te zorgen voor rechtszekerheid en rechtsbescherming. Dat betekent meedenken over wetgeving en waar nodig tegengas geven en wijzigingen voorstellen. Als de officiële vertegenwoordiger van het Europese notariaat laat de CNUE zien waar de notaris voor staat.'

Datasoevereiniteit

Hoewel ze pas in 2027 voorzitter van de CNUE wordt, staat 2026 al in het teken van het komende voorzitterschap. 'Eigenlijk is een jaar te kort om zo’n functie goed te vervullen. Daarom word je in het jaar ervoor vicepresident van de CNUE en bestuur je mee.' De anti-witwasverordening zal in ieder geval haar aandacht opeisen. Deze treedt in 2027 in werking en geldt rechtstreeks in alle Europese lidstaten. 'Die implementatie gaat gepaard met nieuwe regels. Het notariaat in iedere lidstaat moet hier klaar voor zijn. De notaris heeft immers in alle lidstaten een poortwachtersrol. In Nederland zijn we daar al redelijk ver in, omdat bij ons de notaris een ruim monopolie heeft en op relatief veel rechtsgebieden noodzakelijk is. Bijvoorbeeld in de vastgoedpraktijk, waar een relatief hoger risico op witwassen bestaat. Die kennis kunnen we delen met notarissen in andere lidstaten. Als CNUE kunnen we die implementatie begeleiden met best practices en training van notarissen.' Digitalisering is een ander thema waarbij notarissen van elkaar kunnen leren, maar waar ook de positie als poortwachter verdedigd moet worden. 'Hoe zorgen we dat cliënten de regie houden over hun gegevens? Het notariaat moet datasoevereiniteit waarborgen. Met andere woorden: zorgen dat de vertrouwelijke gegevens die we bewaren in de open systemen veilig blijven. Daarvoor moeten we een veilige omgeving creëren waarin notarissen de eindverantwoordelijkheid houden.'

Spannende tijd

Ploumen neemt de voorzittershamer over in een spannende tijd. 'Geopolitieke spanningen vragen om duidelijke keuzes. Europa en de lidstaten zijn gebaseerd op de rule of law. Hoe kunnen we die checks and balances blijven garanderen voor alle burgers? In Oekraïne zie je hoe het kan misgaan. Het Europese notariaat moet nadenken over mogelijke scenario’s, zo dicht mogelijk bij burgers en bedrijven staan en weerbaar zijn. Als CNUE hameren we daarop, en dit wordt ook onderkend. We krijgen steeds meer een luisterend oor in Europa. Het is belangrijk dat de leden van de KNB hierin meegenomen worden. Daarom gaan we in 2026 onder andere een Juridische Poort organiseren met als thema ‘EU en Notariaat’. Ook het jaarcongres krijgt een EU-thema. Vijf jaar geleden merkte ik soms dat het moeite kostte om notarissen te overtuigen. Als ik zei dat Europa belangrijk was, landde die boodschap niet bij iedereen. Dat is nu anders.'

Het 28ste regime komt eraan

De Europese Unie werkt aan een optioneel Europees regelgevingskader als alternatief voor de nationale vennootschapsvormen. Het 28ste regime moet de concurrentiepositie van Europa ten opzichte van de Verenigde Staten en China vergroten. Corrado Malberti, notaris en professor Vennootschapsrecht aan de universiteit van Trento, plaatst kanttekeningen bij die ambitie.

'Het is eigenlijk een verzameling ideeën waarvan sommigen al eerder werden geïntroduceerd. Het onderdeel van het 28ste regime dat de meeste belangstelling oproept, is de stap om het vennootschapsrecht voor start-ups te vereenvoudigen. Deze maatregel is vooral gericht op Silicon Valley en hun investeerders. Start-ups hebben moeite met de gefragmenteerde regelgeving in de EU. Je moet verstand hebben van het ondernemingsrecht dat per lidstaat verschilt. Het zijn niet zozeer de start-ups zelf, maar vooral de kleinere investeerders erachter – de zogeheten business angels – die hierom vragen. Die willen niet in iedere lidstaat die juridische kosten dragen.'

Interpretatie

Het 28ste regime wordt gepresenteerd als een vereenvoudiging, maar het wordt lastig om dit ideaal in praktijk te brengen, voorspelt Malberti. 'In de Verenigde Staten wordt een start-up vaak gevestigd in de staat Delaware vanwege het bedrijfsvriendelijke rechtssysteem. In Delaware hebben advocatenkantoren veel invloed op de regulering. Jaarlijks komen ze bij elkaar en bepalen welke wet wel en welke niet werkt. Zoiets kennen we niet in Europa. Wat de uitvoering ook complex maakt, is dat we geen Europese rechterlijke macht hebben voor vennootschapsrecht. Uiteindelijk is het een Duitse, Franse of Deense rechter die geschillen behandelt. De interpretatie kan dus per land erg verschillen. Hier concurreren lidstaten ook met elkaar. Het vennootschapsrecht wordt aantrekkelijk gemaakt, zodat bedrijven van het ene land naar het andere verhuizen.'

Tijdpad

Ook het voorgestelde tijdpad om in 2026 een concreet ontwerp te presenteren, is volgens Malberti uitdagend. 'De discussie is nog grotendeels theoretisch. Niemand weet nog welke vorm het gaat aannemen. Wordt het een verordening of een richtlijn? In het ene geval heb je het over een wet die overal in de EU direct toepasbaar is, terwijl een richtlijn lidstaten ruimte voor aanpassingen laat. Voor notarissen maakt het niet uit welke optie het wordt. Het gaat om de inhoud. Je wilt niet dat de Europese concurrentiedrang het wint van de betrouwbaarheid. Als bedrijven zich op Europees niveau online kunnen registreren zonder dat de juiste controle plaatsvindt, loop je het risico dat het vertrouwen afneemt. Die controle kan een notaris doen of – in lidstaten waar de notaris geen rol vervult in het vennootschapsrecht – een andere partij die de poortwachtersfunctie vervult. Als het maar werkt. Dat is voor ons het enige wat telt.'

Tien jaar Europese verklaring van erfrecht

De Europese verklaring van erfrecht (EVvE) bestaat tien jaar. Tijdens een conferentie van de CNUE in december werd de balans opgemaakt. Mireille Bosscher, kandidaat-notaris en lid van de CNUE werkgroep Familierecht, vond het een leerzame bijeenkomst. 'Op zo’n dag kom je erachter dat notarissen uit andere landen soms heel anders met dezelfde regels omgaan.'

Een geweldige akte, noemt Bosscher de EVvE, omdat deze grensoverschrijdende nalatenschappen vereenvoudigt. Zij is bijna dagelijks bezig met het opstellen van EVvE’s. Ze krijgt veel opdrachten via andere Nederlandse notariskantoren, voornamelijk voor de afwikkeling van nalatenschappen in Frankrijk vanwege haar specialisme in het Franse notariële recht. De brede toepasbaarheid van de EVvE heeft wel een prijs. Zo is het document heel uitgebreid: achttien pagina’s in plaats van de twee tot drie die een gewone verklaring van erfrecht gemiddeld telt. Die volledigheid is nodig om de buitenlandse notaris context te geven. 'In Nederlandse testamenten worden nogal eens bepalingen opgenomen die men in andere landen niet kent. Een langstlevende die voorrang heeft op de kinderen kan een Franse notaris als raar beoordelen. Daar wil een Franse notaris niet zomaar aan meewerken. Volgens het Franse familierecht heeft ieder kind recht op een vast deel, ongeacht de inhoud van het Nederlandse testament. Ik stel een Europese verklaring zo op dat een Franse notaris ermee uit de voeten kan.'

Kracht

Een belangrijke vraag tijdens het congres was hoe Europese notarissen meer op één lijn kunnen komen en zo voor meer efficiency zorgen. Er is bijvoorbeeld wel een Europees register voor EVvE’s, maar daar zijn tot dusver maar vijf landen bij aangesloten. Ook pleitten sommige aanwezigen ervoor om het document eenvoudiger te maken. Dat was een lastige discussie, merkte Bosscher. 'In sommige landen worden aanvullende eisen aan de akte gesteld. Denk aan het opnemen van een overzicht van alle vermogensbestanddelen. Dat varieert van het saldo van de banktegoeden op de datum van het overlijden tot aan kadastrale gegevens van vastgoed in het buitenland. Daardoor wordt de akte nog uitgebreider. Zelf ben ik geen voorstander van vereenvoudiging. De EVvE is inderdaad heel uitgebreid, maar die volledigheid is juist haar kracht.'

Een concreet wapenfeit leverde de bijeenkomst in ieder geval voor Bosscher persoonlijk op. 'Ik was in Brussel met Branko Reumkens, notaris in Maastricht en medelid van de werkgroep. Samen hebben we besloten om in Nederland een groep op te starten met (kandidaat-)notarissen die net als wij gespecialiseerd zijn in internationaal familierecht. Met zo’n groep kan je jurisprudentie bespreken, casussen doornemen  en leren van elkaars ervaringen. Iedereen die zich hierdoor aangesproken voelt, nodigen we van harte uit.'

Advertentie

Advertentie