Van premie tot pensioen: Zo belegt Pensioenfonds Notariaat
Pensioenfonds Notariaat beheert een vermogen van 3,5 miljard euro. Om goede pensioenen te kunnen uitkeren, moet dat geld zorgvuldig worden belegd. Hoe bepaalt het fonds zijn beleggingsbeleid, welke risico’s zijn acceptabel en in hoeverre hebben deelnemers daar invloed op?
‘Een pensioenfonds moet beleggen’, stelt Lodewijk van Pol, extern bestuurslid van Pensioenfonds Notariaat. ‘Als we alle pensioenpremies die bij het fonds binnenkomen gewoon op de bank zetten, kunnen we geen fatsoenlijke pensioenuitkeringen betalen. We moeten minstens 4 tot 6 procent rendement maken.’ Het bestuur van Pensioenfonds Notariaat bepaalt het beleggingsbeleid. De balansmanagementcommissie verricht het voorwerk. Zij wordt geadviseerd door fiduciair adviseur Goldman Sachs. ‘Het beleggingsbeleid is een doorlopend proces’, zegt Van Pol, die in het dagelijks leven uitvoerend bestuurder vermogensbeheer is bij een ander pensioenfonds en lid is van de balansmanagementcommissie van Pensioenfonds Notariaat.
‘Het pensioenfonds is een olietanker, wij zijn langetermijnbeleggers’
Elke drie tot vijf jaar houdt een gespecialiseerd bureau in opdracht van het fonds het beleggingsbeleid tegen het licht in een zogenoemde ALM-studie (Asset Liability Management). ‘Dat is een enorme exercitie waarin allerlei economische scenario’s en beleggingsvarianten doorgerekend worden’, aldus Van Pol. Daarnaast stelt het fonds periodiek een strategisch beleidsplan vermogensbeheer op, waarin de uitgangspunten van het beleggingsbeleid staan. Denk aan de risico’s die het fonds acceptabel vindt en de wens om maatschappelijk verantwoord te beleggen. Op basis van dit beleidsplan wordt jaarlijks een beleggingsplan gemaakt. Van Pol: ‘Als de dollar onder druk staat, dan zeggen wij niet: laten we met onze beleggingen maar weggaan uit Amerika. We zijn langetermijnbeleggers. Het pensioenfonds is een olietanker die op koers moet blijven.’
Deelnemersonderzoeken
Het fonds heeft 27.000 deelnemers. De opdracht van sociale partners aan het fonds is dat deelnemers een pensioen krijgen van 70 procent van het gemiddelde pensioengevende inkomen dat zij in hun loopbaan verdienen. ‘Met ons beleggingsbeleid moeten wij ervoor zorgen dat de deelnemers op het juiste moment het afgesproken pensioen krijgen’, zegt Laetitia de Leede, die namens de medewerkers van het notariaat in het bestuur zit en voorzitter is van de balansmanagementcommissie. Beleggingen die veel rendement kunnen opleveren, brengen doorgaans veel risico’s met zich mee – en omgekeerd.
De deelnemers spelen een belangrijke rol bij het bepalen van de risicohouding. ‘Periodiek doen wij deelnemersonderzoeken. Dan vragen we hoeveel risico deelnemers willen en kunnen nemen. Mij valt op dat de deelnemers tamelijk risicomijdend zijn’, zegt De Leede, die ook bestuurder is bij twee andere pensioenfondsen. Als in 2027 de nieuwe pensioenregeling ingaat, zijn pensioenfondsen wettelijk verplicht de risicohouding van deelnemers vaker te meten en deze als leidraad te gebruiken bij het beleggingsbeleid. ‘Als deelnemers kiezen voor weinig risico, moeten we voorzichtiger beleggen en komt er minder rendement uit. Om een goed pensioen te krijgen, moet je voldoende beleggingsrisico nemen.’ Het fonds kijkt ook naar de samenstelling van het deelnemersbestand. ‘Als alle deelnemers jong zijn, duurt het nog lang voordat je pensioenen moet uitkeren. Dan kun je meer risico’s nemen dan wanneer het grootste deel van de deelnemers al met pensioen is.’ De populatie van het fonds bepaalt dus voor een deel welke beleggingsrisico’s het fonds zich kan permitteren.
Niet op één paard
Om de risico’s te spreiden, belegt het pensioenfonds in diverse beleggingscategorieën, zoals aandelen, obligaties en vastgoed. ‘Je moet niet al je geld op één paard zetten’, stelt Van Pol. Een ander uitgangspunt is dat het fonds passief belegt. De Leede: ‘De praktijk laat zien dat bijna niemand de markt kan verslaan. Beleggers zitten meestal op of onder het gemiddelde van de markt. Daarom beleggen wij passief. Dat kost minder en levert uiteindelijk meer op dan actief beleggen.’ Bij passief beleggen is een index – een gewogen gemiddelde van een aantal geselecteerde aandelen – het uitgangspunt, bijvoorbeeld de MSCI (Morgan Stanley Capital International). ‘Daaruit kiezen we dan de bedrijven die het beste aansluiten bij onze beleggingscriteria’, aldus De Leede. Het fonds heeft het beheer van het vermogen uitbesteed aan verschillende vermogensbeheerders. Van Pol: ‘Dat heeft met schaalgrootte te maken. Als we zelf zouden beleggen, moeten we een vermogensbeheerorganisatie inrichten. Daarvoor heb je een licentie nodig van de Autoriteit Financiële Markten, je moet personeel aannemen en je hebt systemen nodig. Wij zijn te klein om dat zelf efficiënt te doen. Dat zou te kostbaar worden.’
Vermogensbeheerder BlackRock voert voor de aandelenportefeuille van het fonds het vermogensbeheer uit dat het pensioenfonds heeft vastgesteld. Een van de uitgangspunten is dat het fonds maatschappelijk verantwoord wil beleggen. Het fonds heeft doelstellingen op het gebied van klimaat, milieu, sociale verhoudingen en governance opgesteld. Zo wil het fonds, in lijn met het Klimaatakkoord van Parijs, dat de CO₂-uitstoot van de beleggingen in 2050 teruggebracht is naar nul. Ook sluit het bepaalde beleggingen uit, bijvoorbeeld in controversiële wapens en in bedrijven die gebruikmaken van kinderarbeid.
Verder probeert het pensioenfonds invloed uit te oefenen op het beleid van bedrijven via zogenoemde engagementgesprekken en stemgedrag tijdens aandeelhoudersvergaderingen. Het fonds doet dit niet zelf, maar schakelt hiervoor externe gespecialiseerde partijen in. Vinden de deelnemers maatschappelijk verantwoord beleggen en duurzaamheid belangrijk? De Leede: ‘Uit onze deelnemersonderzoeken blijkt dat zij duurzaamheid belangrijk vinden, zolang dat niet ten koste gaat van het rendement. Dat begrijpen we. Onze deelnemers kunnen erop vertrouwen dat we ons richten op een goed rendement.’