Beleggingsverbod nader uitgelegd

Tuchtuitspraken
/
Beeld: Rechtspraak.nl/Shutterstock

Opslaan

Deel deze informatie

den haag rechtbank

Casus

Een herintredende kandidaat-notaris was in het verleden participant in een onroerendgoedmaatschap van haar familie. De toen bevoegde kamer van toezicht heeft deze participatie als ongewenst verklaard. De kandidaat-notaris heeft vervolgens het notariaat verlaten. In 2023 heeft de familie de werkwijze rond de beleggingspanden aangepast en is de kandidaat-notaris enig eigenaar geworden van dertien (bedrijfs)panden uit deze (familie)maatschap. Deze panden worden verhuurd. De kandidaat-notaris wil graag weer aan de slag in het notariaat en heeft drie nevenbetrekkingen aangemeld die verband houden met deze belegging.

Uitspraak: ongewenste uitoefening nevenbetrekkingen

Het oordeel

De vraag is of deze nevenbetrekkingen de onafhankelijke en onpartijdige positie van de kandidaat-notaris beïnvloeden of kunnen beïnvloeden. In dit specifieke geval moet ook artikel 17 lid 3 worden meegenomen, dat in het notariaat bekendstaat als het beleggingsverbod. Dit ‘verbod’ is echter niet absoluut geformuleerd. In de jurisprudentie is in 2023 een aantal tuchtuitspraken over dit onderwerp gewezen. De KNB en het Bureau Financieel Toezicht hebben het notariaat op basis van deze beslissingen en de wetsgeschiedenis een nadere toelichting gegeven over de toepassing van artikel 17 lid 3 Wna in de vorm van criteria (in het document ‘Uitleg toepassing artikel 17 lid 3’) en enkele concrete voorbeelden (in het document ‘Praktijkvoorbeelden’).

In deze casus speelt een aantal elementen een rol:

  1. Beheer
    De kandidaat-notaris heeft verduidelijkt dat zij de bedrijfspanden zelf actief beheert vanuit haar beheervennootschap. Zij is enig bestuurder en aandeelhouder van deze vennootschap. Zij heeft geen derde ingeschakeld en is ook niet van plan om dat te doen.
  2. De (financiële) omvang van de belegging
    De totale waarde van de vastgoedportefeuille op basis van de WOZ-waarde is ongeveer 4,5 miljoen euro. De kandidaat-notaris heeft niet aangegeven wat de omvang is van de financiële inkomsten die voortvloeien uit de belegging. Wel heeft zij laten weten dat de bedrijfspanden een ‘goede huuropbrengst’ hebben.
  1. De band met de praktijk van de kandidaat-notaris
    De werkzaamheden van de kandidaat-notaris richten zich voornamelijk op familierecht. Zij zal naar eigen zeggen geen zaken behandelen van cliënten, die direct of indirect betrokken zijn bij haar positie als eigenaar/verhuurder, om elke vorm van belangenverstrengeling tegen te gaan. Hoewel de kandidaat-notaris geen reguliere vastgoedpraktijk zal hebben en het risico van belangenverstrengeling met haar vastgoedbeleggingen daarom mogelijk klein is, moet ook rekening worden gehouden met het scenario waarin de kandidaat-notaris op enig moment gaat waarnemen. Als waarnemer zal de kandidaat-notaris ook akten passeren die betrekking hebben op onroerend goed.
    Het beleggingsverbod dient namelijk niet enkel ter bescherming van de cliënten van de kandidaat-notaris, maar ziet op het volledige publieke belang. Met andere woorden: het gaat niet alleen om het voorkomen van een concrete situatie van belangenverstrengeling, waarbij een cliënt van de kandidaat-notaris betrokken zou kunnen raken. Het gaat ook om het voorkomen van de schijn van partijdigheid en afhankelijkheid, die gewekt wordt wanneer de kandidaat-notaris als vastgoedbelegger akten passeert die betrekking hebben op onroerend goed.

De kamer verklaart de uitoefening van de nevenbetrekkingen ongewenst.

Kamer voor het notariaat ‘s Hertogenbosch 19 december 2025, ECLI:NL:TNORSHE:2025:21

Opmerking

Onafhankelijkheid en onpartijdigheid zijn belangrijke kernwaarden in het notariaat. Uit deze beslissing blijkt vooral dat de manier waarop het beheer van beleggingen in onroerende zaken is georganiseerd van belang is om (de schijn van) belangenverstrengeling te voorkomen. In dit geval wilde de kandidaat-notaris geen aanpassingen op dit punt. Dit maakte dat haar nevenbetrekkingen in deze vorm ongewenst waren en daarom niet werden geaccordeerd door de kamer. De overige twee punten hadden met meer uitleg en toelichting mogelijk ook tot een ander oordeel kunnen leiden. Het is, kortom, van belang om bij dit soort nevenbetrekkingen voldoende uitleg en flexibiliteit te tonen.

Advertentie

Advertentie