‘Meer teamgevoel, minder angst’
Na een start in het notariaat verruilde Miranda Tiemessen-Smithuysen de akten voor de makelaardij. Vijf jaar later keert ze terug, met extra mensenkennis en vastgoedervaring op zak. ‘Ik sta nu veel steviger in mijn schoenen.’

Notarieel recht was geen toevallige keuze voor Miranda Tiemessen-Smithuysen. ‘Ik houd van taal en aanvankelijk twijfelde ik tussen Nederlands en rechten. Notarieel recht sprak me uiteindelijk het meeste aan, omdat die studie heel talig is en precieze formuleringen vereist. Daarnaast voelde ik me aangetrokken tot het maatschappelijke karakter van het notariaat. Het idee dat de notaris betrokken is bij cruciale momenten in het leven van mensen – trouwen, een huis kopen, overlijden – gaf de doorslag. Net als het onpartijdige karakter van het werk. Rekening houden met álle belangen, zoeken naar een evenwicht tussen partijen: dat past bij mij.’
Ik houd van taal. Daarom werd ik jurist
Ze begon haar loopbaan op een notariskantoor in Doetinchem, waar ze via een stage terechtkwam. ‘Het werk op de afdeling ondernemingsrecht vond ik inhoudelijk interessant. Ook omdat ik me daar bezighield met grensoverschrijdend advies voor Nederlanders die in Duitsland wonen. Dat kwam goed uit, aangezien ik op de middelbare school tweetalig Duits onderwijs en op de universiteit een minor Duitse taal heb gevolgd. Later stapte ik over naar onroerend goed. Daar waren de dossiers vaak eenvoudiger en sneller, waardoor het meer als productiewerk aanvoelde.’
Huizen kijken
Daarom ging ze eens voorzichtig om zich heen kijken. Net als veel mensen vond ze het heerlijk om rond te snuffelen op Funda. Haar opa had een eigen makelaarskantoor en ook haar moeder werkte in de makelaardij. ‘De vastgoedwereld voelde daardoor vertrouwd. Toen ik in 2020 een vacature zag bij een makelaarskantoor in Montferland, besloot ik de sprong te wagen. Het werkgebied, met veel woningen in het buitengebied, sprak me aan. Ik vond het ook fijn dat het werk zich niet uitsluitend achter een bureau afspeelt.’
Via het kantoor volgde ze de opleiding tot makelaar. Het vak beviel haar. ‘Ik zat letterlijk bij mensen aan de keukentafel en begeleidde hen tijdens soms langdurige trajecten. Hierdoor leerde ik de klanten goed kennen en kreeg ik inzicht in de persoonlijke verhalen achter de woningen. Ik heb vaardigheden ontwikkeld die me de rest van mijn leven van pas komen: helder communiceren, commercieel denken, kalm blijven onder druk en omgaan met emoties en belangen.‘ Ook als makelaar kwam ze in aanraking met juridische vraagstukken, bijvoorbeeld over nalatenschappen. ‘Vaak kwamen deze vragen al naar boven voordat mensen een notaris hadden geraadpleegd. Ik fungeerde regelmatig als schakel tussen klant en notaris.’
Vooroordelen
Makelaars en notarissen onderschatten elkaars vak nogal eens, heeft ze gemerkt. ‘Het vooroordeel over makelaars is dat het snelle verkopers zijn. Maar in werkelijkheid vraagt het werk om een zorgvuldige waardebepaling en kennis van de markt, regels én mensen. Tegelijk wordt het notariaat vaak gereduceerd tot het invullen van standaardakten, terwijl het achterliggende advies en de juridische afwegingen worden vergeten.’
Een belangrijke overeenkomst is dat het allebei mensenwerk is. ‘Zowel makelaars als notarissen werken in emotionele en soms stressvolle situaties en moeten daarin professioneel en empathisch opereren. Het verschil zit vooral in de aard van de druk. In de makelaardij is er piekdrukte: spannende momenten rond bezichtigingen, biedingen en transacties, gevolgd door een bepaalde ontlading. In het notariaat is de druk constanter.’
Makelaars en notarissen onderschatten elkaar nogal eens
De samenwerking tussen beide beroepsgroepen ervaart ze over het algemeen als goed, met korte lijnen en voldoende ruimte voor overleg. Toch ziet ze ook verbeterpunten. ‘Makelaars kunnen beter leren herkennen wanneer doorverwijzing nodig is en klanten adviseren om tijdig na te denken over bredere juridische gevolgen. Notarissen op hun beurt kunnen eerder en duidelijker communiceren over juridische aandachtspunten, zodat lastminutewijzigingen in koopakten worden voorkomen.’
Grondig uitzoeken
Toen Tiemessen-Smithuysen merkte dat haar juridische kennis begon weg te zakken, ontstond de wens om terug te keren naar het notariaat. ‘Ik wilde de juridische vragen niet alleen op hoofdlijnen beantwoorden, maar grondig uitzoeken. Bovendien sta ik na vijf jaar in de makelaardij steviger in mijn schoenen dan aan het begin van mijn carrière, met meer ervaring, rust en zelfvertrouwen. Mijn huidige werkgever kende ik al langer en er was meteen een klik. Ook de mogelijkheid om me te gaan richten op het familierecht speelde mee. Dit rechtsgebied sluit aan bij mijn behoefte aan advieswerk, persoonlijk contact en inhoudelijke verdieping.’
Begin dit jaar is ze gestart als kandidaat-notaris. Inmiddels kijkt ze alleen nog ’s avonds en in het weekeinde op Funda. Lachend: ‘Huizen kijken blijft gewoon leuk.‘ De beroepsopleiding moet ze opnieuw volgen. ‘De stap van de studie naar de werkvloer is groot. Je komt van de universiteit zonder ooit een akte te hebben gezien, laat staan opgesteld. Daarom is het fijn dat de beroepsopleiding veel praktischer is geworden.’
Wat is voor haar een goede notaris? ‘Die is in de eerste plaats mensgericht. Juridische kennis is natuurlijk onmisbaar, maar minstens zo belangrijk is het vermogen om te luisteren, je in anderen te verplaatsen en ingewikkelde materie helder uit te leggen. Mensen moeten zich op hun gemak voelen en de notaris zien als vertrouwenspersoon. Zelf hoop ik een rustige, toegankelijke en betrokken notaris te worden. Iemand die de tijd neemt, zaken stap voor stap uitlegt en regelmatig checkt of alles duidelijk is. De mens achter het dossier staat centraal, met oog voor familieverhoudingen, emoties en de gevolgen van keuzes.’
Komt goed
Op korte termijn is haar ambitie om haar kennis van het familierecht en estate planning verder te verdiepen. ‘Met behoud van feeling voor onroerend goed.’ Op langere termijn sluit ze het ondernemerschap niet uit. ‘Dat vraagt veel, maar biedt ook vrijheid en verantwoordelijkheid. Het lijkt me mooi om zelf richting te geven aan een modern notariskantoor, met een plezierige en gezonde werkcultuur.’
Ze plaatst kanttekeningen bij het beeld dat jongere generaties minder hard willen werken. ‘Dat komt niet door luiheid of gebrek aan ambitie, maar doordat werk- en zorgtaken tegenwoordig anders zijn verdeeld. Waar vroeger vaak één partner werkte, zijn dat nu beide partners. In totaal wordt er dus juist méér gewerkt in gezinnen, naast huishouden, opvoeding en mantelzorg. Zelf ervaar ik dagelijks hoe lastig die balans is, met een werkende man, een zoontje van vier en een baby van acht maanden. Ik heb geluk met een werkgever die rekening houdt met mijn privésituatie. Zo zijn mijn begintijden flexibel, zodat ik mijn kinderen ’s ochtends naar school en de opvang kan brengen. Ons kantoor zoekt overigens nog leuke collega’s.’
Meer begrip voor verschillende levensfases en een sterker teamgevoel kunnen het notariaat aantrekkelijker maken voor jonge mensen, denkt ze. ‘Niet alleen de inhoud van het werk bepaalt of iemand zich prettig voelt, maar ook de onderlinge steun en de manier waarop wordt omgegaan met fouten en werkdruk.’ Haar voormalige baas op het makelaarskantoor heeft in dat opzicht een blijvende indruk achtergelaten. ‘Die stond bekend om zijn nuchtere, relativerende houding. Missers werden niet uitvergroot of gebruikt om schuldigen aan te wijzen, maar gezamenlijk opgepakt. Ofwel: hoe lossen we dit samen zo goed mogelijk op? Zijn motto ‘Het komt goed’ gaf ons het vertrouwen om verantwoordelijkheid te nemen. Die houding zie ik als een waardevol voorbeeld voor het notariaat, waar de angst voor fouten en de tuchtrechter soms overheerst.’
Miranda Tiemessen-Smithuysen (1991) is kandidaat-notaris bij Notariaat Duiven Westervoort in Duiven. Zij studeerde notarieel recht in Nijmegen. Tiemessen is getrouwd en heeft twee jonge kinderen. Haar spaarzame vrije tijd besteedt ze aan haar gezin, vrienden, tennis en reformer pilates.