Berisping voor misbruik GBA

Leestijd: min

Opslaan

Deel deze informatie

Kamer voor het notariaat Amsterdam 29 oktober 2015

Klager K is de notaris die is gedefungeerd na de incidentenmelding die notaris N begin 2013 heeft gedaan. Deze zaak is besproken in Notariaat Magazine 4/2015 onder de titel ‘Van “oude potjes” die creatief voorbijgaan’.
K en N zijn in een arbitrageprocedure verwikkeld betreffende de afwikkeling van hun ontbonden maatschap. In het kader daarvan heeft N in een periode van twee jaar zestien keer de GBA/BRP geraadpleegd voor de adresgegevens van K.

De klacht

K had N echter geen enkele opdracht verstrekt om een authentieke akte op te stellen. Alle onder 2e genoemde inzagen zijn volgens K dus in strijd geweest met het Autorisatiebesluit. Dat betekent dat N klachtwaardig heeft gehandeld.

Het verweer

De inzagen hingen samen met de afwikkeling van de maatschap en de zaak van de toegeëigende derdengelden. Zo heeft N bijvoorbeeld inzage gehad in februari 2013 naar aanleiding van de dagvaarding van de vrouw van de oudboekhouder van het notariskantoor.
Aangezien deze dagvaarding tevens was gericht tegen de door K gedreven onderneming en betekend was op het kantooradres van de voormalige maatschap, en K niet reageerde op de brief namens N waarmee zij hem de dagvaarding had doorgestuurd, heeft N gecontroleerd of het adres van K nog wel juist was. Ook heeft de notaris in januari 2014 inzage gehad. Dit was nadat een brief van december 2013 over het definitieve rapport van het Bureau Financieel Toezicht (BFT) als onbestelbaar was teruggezonden. Omdat alleen K antwoord kon geven op bepaalde vragen die N van het BFT had gekregen en zij had vernomen dat K een andere woning had gekocht, heeft N voor het laatst nog op 15 januari 2015 inzage gehad.
Als verontschuldiging voert N nog aan dat zij niet heeft nagedacht over haar bevoegdheid tot de inzagen door de hectiek van de omstandigheden waarin de maatschap verkeerde. Ook moest zij K zien te bereiken omdat zij (als zware waarnemer) verantwoordelijk was voor zijn protocol.

Het oordeel

Een notaris mag slechts persoonsgegevens opvragen uit de GBA/BRP als deze noodzakelijk zijn voor de uitvoering van zijn wettelijke taken. N heeft, verspreid over een periode van twee jaar, en daarmee structureel, gebruikgemaakt van een haar toekomende bevoegdheid voor een ander doel dan waarvoor deze haar is gegeven. Willens en wetens heeft zij misbruik gemaakt van haar bevoegdheid en daarmee het vertrouwen in het notariaat beschaamd. De verklaring van N is geen verzachtende omstandigheid bij het opleggen van een maatregel. De kamer acht het opleggen van een berisping daarom passend en geboden.

De notariskamer legt de maatregel berisping op

Opmerking

Waar de kamer Arnhem-Leeuwarden in de eerst besproken zaak geen maatregel oplegt, legt de kamer Amsterdam wel een berisping op. Terwijl de notaris ook in de zaak voor de kamer Arnhem- Leeuwarden structureel onbevoegd inzage in de GBA/BRP nam en klager bovendien ernstig nadeel ondervond.