Behandeling door Geschillencommissie staat procedure bij tuchtrechter niet in de weg

Leestijd: min

Opslaan

Deel deze informatie

Kamer voor het notariaat Den Haag 13 april 2016

In maart 2011 wendt klager K zich tot notaris N met het verzoek een algehele volmacht op te stellen voor de afwikkeling van de nalatenschap van erflaatster. N passeert een notariële volmacht waaruit onder andere blijkt dat de volmacht zich beperkt tot het grondgebied van Suriname en Brits Guyana. Van deze volmacht wordt een beëdigde Engelse vertaling gemaakt. Bij brief van eind 2012 van de Guyanese advocaat van K blijkt dat de volmacht niet voldoet voor Brits Guyana.
In januari 2014 oordeelt de Geschillencommissie Notariaat in een door K tegen N ingediende klacht dat de klacht ongegrond is en schadevergoeding wordt afgewezen, omdat onvoldoende onderbouwd is dat N een verwijt valt te maken.

De klacht

K had N expliciet aangegeven dat de volmacht nodig was voor de afwikkeling van de nalatenschap in Suriname en in Brits Guyana. Klager is tot twee keer toe zonder resultaat met de volmacht afgereisd naar Brits Guyana. Verder ontbreekt in de Engelse vertaling bepaalde informatie uit de algehele volmacht, zodat deze onbruikbaar is.

Het verweer

K dient niet-ontvankelijk te worden verklaard, omdat de Geschillencommissie Notariaat bindend uitspraak heeft gedaan. Conform de opdracht was de volmacht beperkt tot Suriname en Brits Guyana. Aangezien K niet in staat was een specifiekere opgave te doen van de aard, omvang en ligging van de nalatenschap, heeft N een algehele volmacht opgesteld. Haar onderzoeksplicht reikte vanwege het gebrek aan informatie niet zover dat zij onderzoek moest doen in Brits Guyana. N heeft nog aangeboden een nieuwe volmacht op te stellen. Het probleem is echter dat K ruzie heeft met zijn broer, waardoor het onmogelijk is dat zijn broer klager een volmacht geeft. Dit kan de notaris niet worden verweten.

Het oordeel

N doet beroep op het ne bis in idem-beginsel. De Geschillencommissie Notariaat is echter een andere instantie dan de kamer voor het notariaat. De kamer beoordeelt of sprake is van tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen. Dat doet de Geschillencommissie niet. De kamer is dan ook van oordeel dat de behandeling door de Geschillencommissie een behandeling door de kamer niet in de weg staat.
Tijdens de mondelinge behandeling heeft K gesteld dat hij voor Brits Guyana een akte nodig heeft waar de originele handtekeningen van de erfgenamen en de notaris op staan. N kan echter niet aan dit verzoek voldoen. De minuutakte dient onder de notaris te blijven. Als het N meteen duidelijk was geweest dat K een originele akte nodig had gehad, dan had zij de akte in originali kunnen passeren. N had moeten onderzoeken of de volmacht voldeed aan de eisen die in Brits Guyana worden gesteld. Dit heeft zij onvoldoende gedaan. Evenmin heeft zij K hieromtrent geïnformeerd. K heeft nu een volmacht gekregen waar hij niets aan heeft. In zoverre is de klacht gegrond.
Dat de broer van K niet wil meewerken aan een nieuwe volmacht, kan de notaris niet worden verweten. De fout in de vertaling kan de notaris ook niet worden verweten. De kamer acht het in dit geval niet geboden dat N een maatregel wordt opgelegd.
De notariskamer legt geen maatregel op.

Opmerking

Hoewel het gaat om dezelfde zaak is er wel een andere beoordeling door de Geschillencommissie en de kamer voor het notariaat en is er daarom geen sprake van ne bis in idem.