Passeren zonder volmacht en meineed: ontzetting
In augustus 2011 passeert notaris N een akte waarbij aan klagers K het appartement op de tweede, derde en vierde verdieping van een gebouw wordt geleverd, en aan de onderburen van K het appartement op de begane grond en de eerste verdieping, dat nog wordt ondergesplitst. K had hiervoor een schriftelijke volmacht aan N verleend. Voor het transport was er een e-mailwisseling over de stemverhouding in de vereniging van eigenaren. K stelt voor een stemverhouding van 2:2, en na de ondersplitsing 1:1:2. K hoeft niet de meerderheid, maar wil niet weggestemd kunnen worden met een stemverhouding van 1:1:1. N stelt voor aan K en de onderburen dat de stemverhouding na de ondersplitsing kan worden aangepast in 1:1:2. K reageert hier niet op. In juni 2012 stuurt N aan K het concept van de akte wijziging splitsing met stemverhouding 1:1:1. K reageert hier niet op.
In juli 2012 mailt N aan K: ‘Enige tijd geleden heb ik jullie het concept van de akte wijziging splitsing toegemaild. Het passeren daarvan staat gepland voor vanochtend. Ik kan namens jullie tekenen op basis van de koopakte die jullie getekend hebben, maar vind een volmacht net even mooier. Lukt het jullie nog om de volmacht te tekenen en VÓÓR 11:00 UUR aan mij terug te faxen/mailen?’ K reageert niet, maar N passeert de akte wel. K verzoekt in augustus 2013 de rechtbank om de wijziging van de splitsingsakte te vernietigen. N verklaart in augustus 2014 onder ede dat hij voor het passeren van de akte telefonisch contact met K heeft opgenomen en daarbij een mondelinge volmacht kreeg. Uit specificaties van de gebruiksgegevens van de mobiele telefoons van K blijkt dat zij die ochtend geen gesprek hebben ontvangen. De kantonrechter heeft te veel twijfels omtrent de geloofwaardigheid van de getuigenis van N en verklaart de akte partieel nietig voor zover het betreft de stemverhouding.
De klacht
N heeft in de akte een stemverhouding opgenomen waarvan hij wist dat K daarmee niet akkoord was en heeft deze zonder machtiging van K gepasseerd. N heeft als getuige onder ede in strijd met de waarheid verklaard dat hij op de ochtend vóórafgaand aan het moment van passeren van K mondeling per telefoon een machtiging heeft verkregen.
Het oordeel
N had moeten weten dat K niet instemde met de stemverhouding 1:1:1 en had bij de toezending van de conceptakte daarom moeten verifiëren of het concept overeenkwam met hun wil. Vast is komen te staan dat K geen volmacht heeft verleend.
In beginsel mag een notaris telefonisch verifiëren of volmacht wordt verleend. Uit de belgegevens blijkt echter dat N geen telefonisch contact heeft gehad. N beschikte dus niet over een mondelinge volmacht en heeft als getuige onwaarheid gesproken. In het maatschappelijk verkeer moet vertrouwd kunnen worden op de inhoud van de door de notaris opgestelde casu quo ondertekende akten. Aan de verklaringen van de notaris zelf in die akten omtrent zijn waarnemingen en verrichtingen komt dwingende bewijskracht toe ten opzichte van eenieder, hetgeen in het belang is van de rechtszekerheid. Door ruim twee jaar later, nadat N op het belang van zijn verklaring heeft kunnen reflecteren, ten overstaan van de kantonrechter (nogmaals) in strijd met de waarheid onder ede te verklaren dat met volmacht was gepasseerd, heeft N ernstig afbreuk gedaan aan het ambt van notaris en de maatschappelijke functie van de notaris in het algemeen. Dit handelen wordt N in tuchtrechtelijke zin zodanig ernstig aangerekend, dat de kamer daarvoor de maatregel van ontzetting uit het ambt passend en geboden acht.
De notariskamer legt de maatregel ontzetting uit het ambt op.
Opmerking
Het passeren zonder volmacht, wetende dat de inhoud afwijkt van de wens van K, is al onbetamelijk, maar met name de meineed maakt een ontzetting onontkomelijk. Op moment van dit schrijven is overigens nog niet bekend of er tegen de uitspraak hoger beroep is ingesteld.