Zoon met algemene volmacht regelt onterving zus: check de wilsbekwaamheid en de onafhankelijke wilsvorming
Eind juni 2017 overlijdt E, de moeder van klaagster K. E had in 2009 haar laatste testament gemaakt, waarbij zij K en haar afstammelingen heeft onterfd. Zoon Z is benoemd tot executeur en kreeg in 2009 een (algemene) notariële volmacht van E. K heeft een procedure tot nietigverklaring van het testament aanhangig gemaakt en vanwege een schikking ingetrokken. De kamer verklaarde de klacht ongegrond (ECLI:NL:TNORARL:2019:76).
De klacht
N heeft ondanks duidelijke contra-indicaties een testament opgemaakt en gepasseerd, zonder voorafgaand nader onderzoek naar de wilsbekwaamheid van E en naar de beïnvloeding door derden.
Het verweer
N heeft het Stappenplan beoordeling wilsbekwaamheid van de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie indirect gevolgd. Er was geen reden om aan te nemen dat E mogelijk werd beïnvloed door derden.
Het eerste contact over het testament vond plaats op zijn kantoor met Z, die hij privé kende via de hockeyclub. N heeft het besprokene vervolgens telefonisch met E doorgenomen en na haar akkoordverklaring een (concept)testament naar E gestuurd. E heeft zelf een afspraak gemaakt voor de bespreking waarin zij heeft uitgelegd wat haar beweegredenen waren om het testament te wijzigen.
N heeft aansluitend het testament gepasseerd waarbij geen derden en evenmin getuigen aanwezig waren.
Het oordeel
N had zorgvuldiger moeten zijn bij zijn beoordeling van de wilsbekwaamheid van E en alerter moeten zijn op mogelijke beïnvloeding door Z. N had na de bespreking van het (concept)testament E de gelegenheid moeten geven een en ander te laten bezinken. Daarna had E op een andere dag nogmaals met haar moeten bespreken wat zij wilde en of het (concept)testament haar wil op de juiste wijze verwoordde. In zulke gevallen kan het bovendien geraden zijn het testament te passeren in aanwezigheid van getuigen.
Het verwijt dat N valt te maken, betreft een wezenlijk onderdeel van zijn taak en zijn verantwoordelijkheid. Dat is, weten zich ervan te verzekeren dat een partij zelfstandig, zonder beïnvloeding door derden, in staat is zich een rechtens relevante wil te vormen en dat de inhoud en de gevolgen van een te ondertekenen akte daarmee in overeenstemming zijn.
Het Hof legt de maatregel berisping op.