Herziening van justitiële samenwerking binnen EU

De Eerste Kamer heeft ingestemd met de herziening van Verordening Brussel II-bis. De herziening zorgt voor een betere justitiële samenwerking binnen de EU, met name op het gebied van bescherming van kinderen bij echtscheiding en het opleggen van maatregelen wat betreft de ouderlijke verantwoordelijkheid.

Brussel II-bis is de hoeksteen van de justitiële samenwerking binnen de EU op het gebied van rechtsmacht en erkenning van beslissingen over huwelijkszaken en ouderlijke verantwoordelijkheid, inclusief gezag, omgangsrechten en kinderontvoering. De herziening voorziet in een betere bescherming van de kinderen bij grensoverschrijdende familierechterlijke geschillen en scheidingen in de EU.

Bescherming
Die betere bescherming wordt mogelijk gemaakt door efficiëntere procedures voor de aanpak van grensoverschrijdende kinderontvoering door ouders. Daarnaast krijgt een kind, dat in staat is zelf zijn mening te vormen, gegarandeerde kans om die mening tijdens de procedure kenbaar te maken. Ook wordt met de verordening een snelle tenuitvoerlegging van beslissingen in andere lidstaten mogelijk gemaakt en een betere samenwerking tussen de autoriteiten van de lidstaten.

Notaris
De vernieuwde verordening stelt vast dat de rechtsmacht niet alleen voor gerechtelijke autoriteiten geldt, maar ook voor bijvoorbeeld een administratieve autoriteit of een notaris. Maar alleen als deze op grond van het recht in zijn eigen land bevoegd is de echtscheiding uit te spreken en beslissingen te nemen over de ouderlijke verantwoordelijkheid over de kinderen uit het huwelijk. De vernieuwde verordening biedt een makkelijkere basis om de authentieke akte in de andere lidstaten te erkennen met behulp van een formulier.

Nederland
De Nederlandse notaris heeft onder meer met de verordening te maken, wanneer hij in een internationale nalatenschap goedkeuring namens een minderjarige erfgenaam voor verwerping, verdeling of overdracht van vermogen dient te vragen. De herziene verordening schrijft straks voor dat een kind dat in staat is zijn eigen mening te vormen, altijd gehoord moet worden voordat een beslissing wordt genomen inzake de ouderlijke verantwoordelijkheid. Als het alleen over het vermogen van het kind gaat, dan is het horen van het kind niet altijd noodzakelijk. Hoe het horen van het kind in Nederland vorm krijgt moet in uitvoeringswetgeving nader geregeld worden. De invoeringsdatum van de vernieuwde verordening is nu nog niet bekend.

Verder in het nieuws

Minister wil legitieme portie niet afschaffen

Sander Dekker, de minister voor Rechtsbescherming, ziet geen dringende noodzaak om de legitieme portie te schrappen. Dat antwoordt hij op vragen van Vera Bergkamp (D66). Volgens een door haar aangehaa...